Twee vrouwen in zomerdracht, voor en achteraanzicht. Gehaakte muts, oorbellen, wit gebloemde kraplap, rode doek rood geruite boormouwtjes en dito stukje op een donkerblauw schort. Het schort is vastgemaakt met gatbanden. Ze staan te praten naast hun fiets bij het water met botters BU 119, BU 153 en motorkotter BU 28.