Achter de onderdeur een vrouw met gehaakte muts en wit gebloede kraplap. Zittend voor de deur een hakende vrouw met gehaakte muts, witgebloemde kraplap, gedeelde rode doek en donkere boormouwtjes, klompen met een leertje. Twee meisjes met pluummuts, de oudste met kuldfer, kraplap en rode doek, de jongste met jurkje en fries schort.