Rond 1900 werd over het algemeen door de mannen een zwarte vilthoed gedragen met een brede rand, maar 's zondags naar de kerk hoge hoeden van leer. Voor de rouw was de hoge hoed voorzien van knoopjes. Een zwart petje van fluweel werd ook wel gedragen. Aan boord droeg de vissersman een wollen slaapmuts, overdag ...