Een paar driedelige oorijzerhangers van 18-karaats goud, gedragen door een vrouw in Rijnlandse streekdracht uit Stolwijk. De hangers werden gedragen in oogjes aan de oorijzerboeken (uiteinden van het oorijzer). Het meesterteken is onduidelijk, maar lijkt op dat van N. de Gidts, werkzaam in Schoonhoven van 1849-1897.