Het driedelig, wit keramisch beeld op houten, kruisvormige sokkel verbeeldt een liggende, magere figuur van androgyn karakter, van wie het gelaat wordt afgedekt door een doek. Ook het middel is bedekt met een lendedoek, die aan weerszijden hoog op bolt, zodanig dat de suggestie van twee engelen (bij het graf) naast de liggende Christus ontstaat.