Vier lapjes met opeenvolgende stadia van het batikprocedé. De lapjes vormen basisdoekjes voor een babydrager en zijn gemaakt van witte, gekookte en aaneengesponnen draden van de hennepplant. Eerst worden de dessins op het doekje met was ingetekend (a). Rechte lijnen en punten vormen het geometrisch patroon. Middels diverse indigo-kleurbaden verkrijgt de stof een donkerblauwe kleur waarbij ...