De vrouw des huizes heeft haar aandacht bij het priegelige naaiwerk in haar schoot. Haar handen liggen op een donkerblauw naaikussen, aan haar vinger heeft ze een vingerhoed. De dienstmeid op de achtergrond heeft haar eigen werkzaamheden, terwijl de baby ligt te slapen in een afgedekte wieg. Ter Borch schilderde veel van dit soort genrevoorstellingen ...