Een gebedenboek (gedeeltelijk in het Frans) uit de Zuidelijke-Nederlanden dat gemaakt is rond 1500. Het handschrift (op perkament) telt in totaal 110 folia (in twee delen: f. 1-97 en f. 98-110), heeft een kalender en enkele penwerkinitialen. Het werk is afgeschreven door broeder Nicolaus Mas.