Biblia, of de gantsche H. schrift des ouden en nieuwen testaments. Uit de Hebreeuwsche en Grieksche Taalen, in cierlyk Nederduitsch, overgezet; en voorzien met alle de kant-teekeningen en registers, overeenkomstig met de Bybel die door last van de Hoog-Mog. Heeren Staaten Generaal wordt uitgegeven. Zijnde daar in alleenlyk de naamen Godts, Jehovah en Jah, volgens ...